You are currently browsing the tag archive for the ‘Nederlandse Taalkunde’ tag.

In het maart/ april-nummer van het tijdschrift Over Taal (jrg. 50, nr. 2) schrijft Bert Cappelle over de mogelijkheden binnen het Nederlands om werkwoorden te intensiveren. In het artikel, “Erop los intensifiëren” (p. 38-39), gaat hij in op de gebruiksmogelijkheden van werkwoorden met versterkende als-toevoegingen:

“… als een roos hoort bij slapen, … als een dijker volgt steevast op eten en … als een Turk volgt haast uitsluitend op roken/ paffen/ smoren. Andere versterkende vergelijkingen vind je dan weer bij een bredere waaier van handelingen: … als een bootwerker komt zowel voor bij eten, drinken/ zuipen, roken/ paffen/ smoren, vloeken en liegen. Nog ruimer inzetbaar zijn vergelijkingen als … als (een) gek en als (een) bezeten(e), die je praktisch aan eender welk werkwoord kunt toevoegen om aan te duiden dat de handeling in kwestie gehaast of intens wordt verricht.”

Onderaan het artikel, waarvan in een volgend nummer deel 2 te lezen is, vermeldt Cappelle de website waarop deze en vele andere versterkende uitdrukkingen sinds kort worden verzameld en verklaard: http://www.onderwoorden.nl/intensiveringen/. Het Woordenboek van Nederlandse Intensiveringen, dat is gemaakt en wordt onderhouden door oud-Van Dale-redacteuren Marlies Hagers en Rik Schutz, is vanaf heden ook opgenomen in UvA-webbronnen FGw.

Deze week ging het Meldpunt Taal in de lucht: een website over de ontwikkelingen van het Nederlands waarop iedere taalgebruiker zijn of haar taalobservaties kan vastleggen. Van hippe straat- of jongerentaal en vernieuwende woorden uit de media tot ouderwetse zinspreuken die nog zelden worden gehoord. Maar ook: foutief woordgebruik, taalkronkels, dooddoeners en stoplappen. Al deze observaties worden ondergebracht in een voor iedereen toegankelijke en doorzoekbare database die straks voor taalwetenschappers een onuitputtelijke bron zal vormen. Initiatiefnemer van de site is taalhistoricus Ewoud Sanders en meewerkende instellingen zijn het Instituut voor Nederlandse Lexicologie, het Genootschap Onze Taal, het Meertens Instituut, de Nederlandse Taalunie, Van Dale uitgevers, de Stichting Nederlandse Dialecten en Variaties vzw. Behalve het meldpunt biedt de site een overzicht van databanken over het Nederlands (woordenboeken, grammatica’s en andere (online) bronnen) plus de mogelijkheid aan steeds wisselend taalonderzoek mee te doen, met als thema’s deze maand: voetbaltaal, dooddoeners en fopopdrachten.

Extra: “Lancering Meldpunt Taal voor taalverandering” (NRC Handelsblad); “Meldpunt Taal 15 juni online” (Taaluniversum); Interview met initiatiefnemer Ewoud Sanders in de Tros Nieuwsshow.

meertens_2_1

De meest bonte verzameling Nederlandse dialecten, gevat in duizend uur aan geluidsfragmenten, dat is de database Soundbites uit vervlogen tijden van het Meertens Instituut en DANS (Data Archiving and Networked Services). Sinds vorige week online, geordend naar provincie, streek en plaats, gevisualiseerd in een Sprekende kaart van Nederland, waarop elk dialect als een rode stip is weergegeven. De soundbites, opgenomen tussen 1950 en ’80, bevatten monologen en gesprekken over regionale of lokale gebruiken, alledaagse zaken en gebeurtenissen, alsook herinneringen aan langer vervlogen tijden: de crisisjaren en de Tweede Wereldoorlog, de perioden van armoede en werkloosheid die ermee gepaard gingen. Als extra’s zijn nog te beluisteren fragmenten uit Vlaanderen en het buitenland (o.a. van Nederlandse emigranten) en, in de categorie ‘divers’, opnames van in het verleden georganiseerde congressen, van sprekers met een licht accent of van het Jiddisch. Een uniek taal- en geschiedkundig document, en gegarandeerd wekenlang luisterplezier!

Lees ook: “Met je sneup aan de woudbakker” door Nico Dijkshoorn (NU.nl).

Afgelopen vrijdag, 29 mei, promoveerde UvA-taalkundige Suzanne Aalberse op haar dissertatie Inflectional Economy and Politeness. Morphology-internal and morphology-external factors in the loss of second person marking in Dutch: een onderzoek naar het verdwijnen van de oorspronkelijke tweede persoon enkelvoud in het Nederlands, du, die tot en met de zestiende eeuw als aanspreekvorm werd gebruikt in plaats van het huidige jij. Hoe du onder invloed van verstedelijking en immigratie werd verdrongen door de beleefde meervoudsvorm jij, waarom een dergelijke verandering wél in het Nederlands, maar niet in andere Europese talen plaatsvond, is nu te lezen in de digitale editie van Aalberse’s proefschrift, die is opgenomen in UvA-DARE/ Dissertations Online. De papieren versie zal binnenkort in de P.C. Hoofthuis-bibliotheek beschikbaar zijn.

u%20of%20jij4plaatje

Vanaf vandaag online beschikbaar binnen het UvA-domein (of via UvAdsl, of UvAvpn): de tijdschriften Nederlandse Letterkunde, Nederlandse Taalkunde en Tijdschrift voor Taalbeheersing, alledrie op één website: www.letterentijdschriften.nl, of afzonderlijk, als E-tijdschrift, in onze Digitale Bibliotheek.

Behalve een gedigitaliseerde variant van de papieren tijdschriften, bevat de elektronische versie een archief (dat nu nog loopt tot en met 2000, maar in de toekomst verder wordt uitgebreid) en de extra rubieken ‘Nieuws’, ‘Signaleringen’, ‘Abstracts’, ‘Uit de tijdschriften’ en ‘Ontvangen boeken’. Een aanwinst dus!

3224NedLetterkunde 3226NedTaalkunde 3225Taalbeheersing

Noot: de papieren letterentijdschriften blijven ter inzage beschikbaar in de bibliotheek P.C. Hoofthuis, op de eerste verdieping, in de kast bij de lopende jaargangen, of bij de gebonden afleveringen onder plaatsnummer 113: NED Tijdschrift.

Blog Stats

  • 64,588 hits

Vakreferent op Twitter

RSS Onbekende RSS-invoer

  • Er is een fout opgetreden. De feed is waarschijnlijk uit de lucht. Probeer later opnieuw.

Archief

Volg

Ontvang elk nieuw bericht direct in je inbox.