You are currently browsing the tag archive for the ‘Taalschrift’ tag.

“Niets is zo vanzelfsprekend als een verplichte literatuurlijst op school”, schrijft emeritus hoogleraar Marita Mathijsen in de jongste aflevering van Taalschrift, het online tijdschrift voor taal en taalbeleid. “Met een verplichte literatuurlijst bereiden we jongeren voor op een maatschappij waarin literatuur meetelt en waarin zíj niet meetellen als ze niet een reservoir aan literaire competentie meegekregen hebben”, meent Mathijsen. ”Het is een kwestie van Darwiniaans overleven: met een flinke literaire bagage staan ze sterker in het leven, zowel economisch als psychologisch.” Voor de gelegenheid stelde Mathijsen alvast haar eigen ‘leeslijst’ samen met vijftig titels, geordend naar tijd, beginnend bij Karel ende Elegast, Beatrijs en Van den vos Reinaerde en eindigend met Publieke werken (Thomas Rosenboom), Tirza (Arnon Grunberg) en De wandelaar (Adriaan van Dis). Klik hier voor de volledige lijst, of om een reactie achter te laten over dit onderwerp.

t_ani_1Taalschrift, het online-tijdschrift over taal en taalbeleid, opent deze maand met een artikel over de stadsdichter van Antwerpen, de Nederlandse schrijfster en cabaretière Joke van Leeuwen. Hoe beschouwt zij haar taak? “Van mij hoeft niet alles wat ik opschrijf op papier te staan”, aldus Van Leeuwen. ”De stad gebruiken als drager, op een originele manier, vind ik veel inspirerender dan mijn gedichten alleen te laten afdrukken.” Meer lezen? Klik hier voor de volledige reportage. Verder in Taalschrift een discussie over de literaire biografie, aangezwengeld door de Belgische auteur Vitalski (pseudoniem van Vital Baeken). “Als je een literaire biografie schrijft of verfilmt, begin ze dan niet te mengen met je eigen gedachten en emoties. Als het leven van een mens al dramatisch en spannend genoeg was, geef zijn biografie dan gewoon de vorm van een boodschappenlijstje. Of toch maar niet?” Meediscussiëren kan via deze link.

“Televisie heeft een positief effect op de taalontwikkeling van kinderen. Ze krijgen er bijvoorbeeld een grotere woordenschat door,” betoogt de Belgische psycholinguïst prof. Wouter Duyk in de nieuwste aflevering van Taalschrift, het internettijdschrift over taal en taalbeleid. Verder lezen? Klik hier voor de volledige reportage. De Taalschrift-discussie van deze maand gaat over de literaire canon op school: moeten we ons zorgen maken als leerlingen de grote literatuur uit de weg gaan en enkel lezen wat ze willen lezen? Lerarenopleider Rudi Wuyts vindt van niet: “Sommige leerlingen zullen Kaas of andere grote werken ooit wel lezen, andere zullen niet zo ver geraken. Maar we moeten er op school vooral voor zorgen dat ze blijven lezen.” Meediscussiëren kan hier.

“Literaire tijdschriften moeten het niet hebben van hun publiek, ze moeten het hebben van hun auteurs,” stelt UvA-hoogleraar Boekwetenschap Lisa Kuitert in de nieuwste aflevering van Taalschrift, het online tijdschrift over taal en taalbeleid. Met een steeds dalend aantal abonnees lijkt het huidige medium ten dode opgeschreven. Wat hieraan te doen? Afschaffen, er meer geld in steken, of overhevelen naar het internet? “Toch behouden,” pleit Kuitert, “in papieren vorm en ondanks het geringe aantal abonnees,” want, zo vindt zij: “literaire tijdschriften zijn er voor schrijvers, niet voor lezers!”

Meediscussiëren? Lees hier het artikel en plaats een reactie.

“Dialecten verdwijnen, of we dat nu leuk vinden of niet”, stelt taalkenner Wim Daniëls in de december-editie van Taalschrift, het internettijdschrift over taal en taalbeleid. ”Sommige mensen verdedigen luidkeels dialect, maar ze doen dat in de standaardtaal. Anderen spreken op het lachwekkende af een dialect waar ze niet mee zijn opgegroeid. Het enige wat je nog kunt doen, is je dialect vastleggen en er zo lang mogelijk van genieten”, aldus Daniëls.

Wil je deze discussie volgen, of eraan bijdragen? Klik dan hier. Wil je meer weten over verdwijnende, of juist over levende dialecten? Ga dan naar de website van Onze Taal. Daarop is vandaag, 16 december, een artikel te lezen uit Dagblad De Limburger over de vitaliteit van de Limburgse streektalen. Het stuk verwijst naar de resultaten van een internet-enquête naar dialectgebruik in Zuid-Nederland, samengevat in het onlangs verschenen Jaarboek 2007 van de Vereniging Veldeke Limburg. Aan het onderzoek, dat door de Universiteit Utrecht werd begeleid, deden ruim 5000 mensen mee, van wie bijna de helft (2347) uit Limburg. Uit de resultaten blijkt dat Limburgers vaker dan Brabanders en Zeeuwen hun dialect als voertaal gebruiken: “Bijna de helft van de Limburgers spreekt dialect op school en op het werk, tegen nog geen 20 procent van de Zeeuwen en maar 8,8 procent van de Brabanders. Ook het personeel in de supermarkt wordt door ruim 80 procent van de Limburgers in het dialect aangesproken, terwijl van de Zeeuwen 34 procent en van de Brabanders slechts 20 procent dan de thuistaal hanteert.”

Interesse in streektaal-onderzoek? De website van Onze Taal biedt talloze links naar informatie over dialecten, streektalen, creooltalen, het Fries, het Afrikaans, Nederlandse Gebarentaal en het Vlaams, zoals:

  • de Nijmeegse Centrale voor Dialect- en Naamkunde (onderdeel van de afdeling Taalkunde aan de Radbouduniversiteit Nijmegen)
  • Streektaal.net
  • Lowlands-l.net (een discussie-site over de talen en dialecten van de lage landen)
  • Jan Tuttel.com over naamkunde en dialectbenamingen
  • De databanken van het Meertens Instituut waaronder PLAND (plantennamen in  de Nederlandse dialecten), DynaSAND (de dynamische syntactische atlas van de Nederlandse dialecten) en MAND (de morfologische atlas van de Nederlandse dialecten) en de sprekende kaart (met geluidsfragmenten van meer dan 100 plaatsen in Nederland, die in de jaren ’50, ’60 en ’70 door onderzoekers van het Meertens Instituut verzameld werden).

Elk jaar geeft de Nederlandse Taalunie Taalpeil uit: de krant met actuele cijfers, feiten en meningen over de Nederlandse taal in Nederland, Vlaanderen en Suriname. De editie van 2008, die afgelopen week verscheen, getiteld ‘Hopende u hiermede van dienst te zijn’, is gewijd aan het thema Burger-taal-overheid. De artikelen gaan over wat burgers van ambtenarenteksten vinden, wat ze van het taalgebruik van de overheid verwachten en wat de overheid moet én doet voor de taalgebruiker.  Behalve 1000 Nederlanders, Vlamingen en Surinamers zijn ook ambtenaren zelf over dit thema ondervraagd. Klik hier voor de online-versie van Taalpeil 2008. Op de website van de Taalunie zijn ook de vorige edities (van 2005 tot en met 2007) te downloaden.

Eveneens online is het novembernummer van Taalschrift, tijdschrift over taal en taalbeleid, met daarin een reportage over de ‘correcte’ uitspraak van het Nederlands en een artikel van Erik Spinoy, literatuurwetenschapper en dichter, over de vraag: “Maakt het prijzencircus de literaire kritiek monddood”?” 

Links: www.taaluniversum.org/taalpeil; www.taalschrift.org.

Blog Stats

  • 49,239 hits

Vakreferent op Twitter

RSS Twitter / BibliotheekUvA

Archief

Follow

Get every new post delivered to your Inbox.